The Swedish Dream

Ik kan mijn ogen niet geloven…
Heel stil staan we in het dichte struikgewas, alleen een zucht wind kan ons nog verraden. Mijn camera heb ik in de aanslag, maar ik durf de lenskap er bijna niet af te halen. Oke, heel zachtjes dan maar, *klik, klik*. Gelukkig, hij is los…

Dat is het moment dat ik mij voorstel als we in de auto zitten en richting de Hunneberg in Zweden rijden. We gaan namelijk op zoek naar elanden.
Het moment heb ik al meerdere malen in mijn hoofd afgespeeld. Alleen is de uitkomst telkens anders. Het is midden juni, dus niet het perfecte moment om elanden te spotten. Ons enige voordeel is dat de Hunneberg blijkbaar een elanden hotspot is, dus gaan we met volle moed op pad. Aangekomen op locatie is het alles wat ik me had voorgesteld, wat een prachtig gebied!

De Hunneberg in Zweden

Eenmaal uit de auto wacht ons een pad van enkele verweerde houten planken dat in de dichte begroeiing verdwijnt. Het is erg droog geweest in Zweden, dus de houten planken die als brug moeten dienen over moerasachtige stukken, zijn bijna niet meer noodzakelijk. Toch blijven we er braaf op lopen, want je weet het maar nooit (drijfzand enzo).
Na 30 minuten wandelen komen we aan bij een aangelegd stuk natuur, een plas/dras met graskluiten. Ik had er al over gelezen. Dit is speciaal aangelegd voor de bijzondere biodiversiteit die in dit moeras leeft. Heel in de verte zie ik mannelijke wintertalingen rusten, een vrouwtje met pullen komt ook nog voorbij. Een nieuwsgierige grauwe vliegenvangen komt op een takje naast ons zitten en kijkt toe, terwijl ik sta te prutsen om hem goed op de foto te zetten. We zijn letterlijk omgeven door natuur! Beter kan het niet, denk je dan.

Nieuwsgierige grauwe vliegenvanger

Om op de ‘eland’ locatie te komen, een langwerpig meer vol waterplanten, ploeteren we nog een eindje verder. Ik kan mijn enthousiasme bijna niet meer bedwingen als het meer eindelijk op de gps verschijnt. Maar, ik moet stil blijven, denk ik bij mezelf. Nog enkele meters verwijderd van de perfecte uitkijkspot en dan… KNAK, een dikke tak breekt onder mijn voeten.
Precies op dat moment hoor ik het onmiskenbare geluid van Europese kraanvogels die opvliegen! Mijn camera had ik gelukkig al in de aanslag en ja hoor, ze staan erop! Dat geluk is ook weer opgebruikt voor vandaag. Nog even kijken we naar de kraanvogels die al sputterend verdwijnen aan de horizon; sorry guys!

Lucky shot!

Na deze korte (geniale) onderbreking staan we dan eindelijk aan de rand van het moeras waar het moet gebeuren. Samen met mijn vriend speur ik de bosrand af. Elke afwijkende kleur wordt grondig geïnspecteerd en elke vierkante meter waterplant wordt bekeken. Gretig lopen we verder aangezien de eerste locatie geen eland in het vizier heeft opgeleverd. Meerdere plekken volgen, maar langzamerhand wordt onze grootste angst toch werkelijkheid…

Nadat onze zoektocht naar elanden helaas niks heeft opgeleverd, lopen we terug maar terug richting de auto. Toch besluiten we om de route langs het water te blijven volgen, iets minder snel, maar hé, you never know!
Juist op het moment dat we terug willen keren naar het hoofdpad zien we ze waden door het water… De kraanvogels die eerder voor ons wegvlogen lopen nu rustig rond tussen de waterlelies in een prachtig stuk van het moeras.
Samen eten ze van de waterplanten en zijn ze zich er totaal niet van bewust dat wij genieten van hun bijzondere aanwezigheid. Ik zou nog uren kunnen blijven kijken, maar ondertussen is het al rond 23:00uur in de avond en tijd om te gaan.

Koppel Europese kraanvogels

Dat is wat natuur zo geweldig maakt in mijn ogen. Je hoopt op iets wat je denkt dat gaat gebeuren, maar dan heeft moeder natuur een prachtig ander moment voor je inpetto. Voor mij betekend dit ook dat ik weer terug zal gaan naar Zweden om dan toch echt een eland in het wild te zien! Geen slecht vooruitzicht lijkt me zo.
Voor nu ga ik genieten van de mooie foto’s met een lepeltje chocolat moose.
Oh, en voor jullie nog een foto, gewoon omdat Zweden GEWELDIG MOOI IS!

Zweden, je bent geweldig!

Blog: Dieren met snelle planga’s

Planga

Voor de scholieren en studenten onder ons, is het bijna zomervakantie. De tijd van plakkerige zonnebrand, wandelende rode kreeften en het uitzoeken van die hippe, toffe snelle planga (; jongerenwoord voor zonnebril) waarmee jij de blitz maakt op het strand van jouw favo vakantie bestemming.

Niet alleen is die snelle planga van je de eerste eye-catcher voor een potentiële date, maar helpt hij ook nog enigzins tegen die felle zon die in je oogjes schijnt. Daarnaast voorkomt het meteen van die witte knijpstreepjes op je bruine bakkes, dubbele winst dus. Het is dan ook logisch dat niet alleen wij mensen gebruik maken van de gemakken die de snelle planga ons biedt. Sterker nog, dieren zijn DE uitvinder van dit hippe hoofdversiersel.

In Nederland zijn er verschillende diersoorten die graag staan te shinen met hun snelle planga. Zo heeft bijvoorbeeld de visarend enorm veel baad bij zijn ingebouwde snelle planga. Dagelijks vliegt hij uren boven het water op zoek naar vissen die hij met zijn scherpe klauwen uit het water kan trekken. Zonder die donkere streep rondom zijn ogen zou de schittering van het water hem constant verblinden, maar daar komt zijn snelle planga in actie, die ervoor zorgt dat het meest felle licht deels wordt geabsorbeerd.

Visarend
Visarend

Ook wasberen zijn de trotse eigenaar van een prachtige snelle planga. Deze vuilnisbak struiners zoeken hun voedsel van oorsprong eigenlijk in en rondom het water. Voor hen is een ingebouwd zonnebrilletje ook zeker handig om hun voedsel te kunnen vinden. Tegenwoordig helpt hij vast ook tegen de schittering van de deksel van de vuilnisbak. Ook kleinere dieren zoals de eikelmuis hebben een ingebouwde snelle planga. Omdat ze vooral actief zijn in nacht en het begin van de schemering helpt hun snelle planga hoogstwaarschijnlijk om de eerste felle zonnestralen wat dragelijker te maken. Net als dat wij mensen hem graag inzetten op een brakke dag.

Zo zie je maar, mens of dier, snelle planga’s geven altijd plezier!
Dus als je dadelijk op het strand ligt te bakken, denk er dan aan om je snelle planga erbij te pakken.

Vacature manager (insecten) hotel

Honingbij

Misschien herken je het wel, van die momenten dat je ECHT graag iets wilt maken. Dat had ik dit weekend. Gelukkig probeer ik deze behoefte dan wel op een functionele manier in te zetten.

Zelf vind ik het altijd stom dat insectenhotels in de winkel altijd zo extreem perfect (en duur) zijn. Daarom ben ik zelf maar aan de slag gegaan. Wel moet ik jullie zeggen dat het maar goed is dat (de meeste) insecten niet zo kieskeurig zijn. Als je maar je best hebt gedaan, zeggen lieve moeders dan altijd.

Metselbij aan het metselen

Boodschappenlijst
Als je het slim bekijkt, kun je eigenlijk met spullen die je thuis hebt liggen al een insectenhotel maken. Het enige wat ik apart heb gekocht zijn een aantal bamboestokken voor €2,50. Het geeft ook een goed gevoel om de insectenhotels van €30,- te kunnen laten staan moet ik eerlijk bekennen. Eens een Hollander, altijd een Hollander.
Verder heb ik de volgende materialen gebruikt:

  • Plank van een oude kast
  • Twee stammetjes van een oude tak
  • Boormachine
  • Schroeven
  • Kniptang
  • Zaag

De overige spullen die wel op de foto, maar niet in de lijst zijn waren fantastische hersenspinsels die niet zo goed hebben gewerkt. Of je moet heel technisch zijn en dit soort dingen kunnen plannen.

Benodigdheden
Weer een nieuwe aflevering van ‘Het (insecten) Blok’

The buildingsite
Voordat je begint is het handig om te weten of je pleisters in huis hebt. You know, just in case. Daarna kan je beginnen met zagen. Ik heb zelf gewoon een aantal plankjes gezaagd, maar ik ben zo vrij geweest om ze achteraf even op te meten! Dus hierbij het DIY boor-het-in-elkaar-pakket.

  • Twee zij planken (10x10cm)
  • Twee dak planken (27cmx10cm) en (25cmx10cm)
  • Bodemplank (10x25cm)

In het kader van het leren van andermans fouten: de twee dakplanken schroef je tegen elkaar aan. Als je dus twee planken van dezelfde afmeting neem dan wordt een kant van het dak langer dan de andere en moet je weer zagen. Zoals je merkt, inzicht is niet geheel mijn ding.

Fase1 insectenhotel
Een huis wordt een thuis (met een gelijk dak)

Als je dit allemaal hebt gezaagd komt eigenlijk het makkelijke deel. Alles gewoon lekker in elkaar boren! Hier en daar een schroef erin totdat het vast zit. Het maakt toch niet uit hoe het er uit ziet. Het is vooral belangrijk dat het huis niet instort zodra de bewoners erin zitten.

Fase 2 insectenhotel
Dit kunnen we allemaal

All inclusive hotel
Nadat je alles in elkaar heb geknutseld en de pleister-la hebt geplunderd, kun je lekker achterover zitten en genieten van je kunstwerk. Het leukste is natuurlijk om de insecten te zien genieten. Zet het hotel op een plek waar het niet te nat wordt en de wind er niet direct in waait. Als je nu ook nog wat bloemen in je tuin hebt staan is het gelijk geupgrade naar een All inclusive hotel! 24-uur open buffet, ideaal toch! Dan komen de gasten snel genoeg een kijkje nemen bij de nieuwste hot-spot in de buurt.

En dat allemaal in een middagje werk, je eigen insectenhotel.

Eigen insectenhotel
De ‘gasten’ zullen je om de oren vliegen!

 

Je hoort ze wel, maar je ziet ze niet!

De start van de Expeditie!

Op een prachtige zondag morgen gaat om 05:45 uur de wekker,  en je raadt het al… het is die van mij. Normaal zou ik het daar wel wat moeilijker mee hebben gehad, maar ik keek al een tijdje uit naar deze ochtend. Het was namelijk de ochtend van de VroegeVogel Expeditie door GaiaZOO! Meer dan 30 bezoekers hadden zich ingeschreven om onder leiding van 6 gidsen op zoek te gaan naar al het wilde gevogelte in het park.

Echte vroege vogels
Rond half 7 arriveren we bij de achteringang, de eerste enthousiastelingen staan al te wachten. In totaal hadden 32 diehards zich rond zes uur ’s morgens uit bed gesleept om deze bijzondere ochtend bij te wonen. Nadat iedereen was gearriveerd vertrokken we rond 7 uur in drie groepen richting het park. Met de verrekijkers in de aanslag werd elke centimeter afgezocht, op zoek naar levende wezens. Want ja, geluid was er genoeg, maar die blaadjes aan de bomen maakte het echte spotten toch iets lastiger. Gelukkig had elke groep twee ‘vogelradars’ mee op pad, die met hun getrainde ogen en oren bijna elke vogel kunnen waarnemen.

Huismussen broeden in grote kolonies in GaiaZOO
Huismussen broeden in grote kolonies in GaiaZOO

Eerste teken van leven
Geritsel in de struiken, een overvliegende schaduw en het prachtige geluid van zangvogels die een partner voor zich proberen te winnen. Het waren de eerste tekenen van leven die op ons pad kwamen, een echte waarneming bleef nog uit. Vogels spotten lijkt appeltje eitje, maar een amateur vogelaar is in het begin vaak net te laat met kijken. De vogelexpert die de Expeditie leidde spotte bijvoorbeeld een merel, voordat wij ons hadden omgedraaid was deze al weg. Hij is een benzine en wij een diesel. Onze zintuigen moesten nog even warmdraaien. Gelukkig waren en genoeg vogels in de omgeving om ons waarnemend vermogen wat verder te ontwikkelen tijdens de rest van de tocht.

Omringt door prachtige natuur!
Omringt door prachtige natuur!

Raad het gefluit
GaiaZOO is momenteel gehuld in een groene deken en tijdens de Expeditie zaten de meeste bomen dus al vol met bladeren. Gelukkig waren de meeste vogels goed gezind en lieten ze zich toch even zien, zodat wij ze op uiterlijk konden determineren. De vogels die dit niet deden maakte het wat lastiger. Bij deze werd het een spelletje ‘raad het gefluit’. Een aantal bezoeker begonnen hier na verloop van tijd aardig goed in te worden. Ik, daarin tegen, kon nog steeds geen roodborst van een zwartkop onderscheiden. De vogelexperts gaven tips om het herkennen van geluid gemakkelijker te maken en vertelde leuke weetjes. Een groenling doet bijvoorbeeld: ‘Zzzzzrrrrrrrr’ – dit is een zogeheten ‘eentonige trilling’. Een lijster herken je weer omdat hij drie keer hetzelfde deuntje herhaalt: ti, ti, triiiiii; ti, ti, triiiii; ti, ti triiiiii en een koolmees aan het geluid van een fietspomp. Makkelijk he? Bij velen ging dit dan ook steeds beter en lukte het om zelf enkele soorten op geluid te herkennen. Vooral de huismus werd een favoriet.

Eekhoorn gespot
Eekhoorn gespot

Leren luisteren
Aan het einde van de rit hoorde je steeds meer vogels dan in het begin van de Expeditie. Dit kwam niet omdat er echt meer vogels waren, maar omdat we leerden luisteren. Vooral in de lente en zomer is deze eigenschap eigenlijk onmisbaar tijdens het vogelen. Het was fantastisch om dit te kunnen leren van echte experts. Voor de meeste was het hele leerzame ochtend, helaas hebben we geen hele bijzondere waarnemingen gedaan. Maar zodra je bewust naar de natuur gaat kijken en luisteren, wordt elk moment eigenlijk wel een beetje speciaal. En dat is precies waar GaiaZOO voor staat. Zelf ervaren hoe bijzonder onze aarde is.

Witte kwikstaart in de wei van de Prezwalskipaarden.
Witte kwikstaart in de wei van de Prezwalskipaarden.

Takkenwerk voor het ‘Limburgse aapje’

Hazelmuis

Op Facebook zag ik een oproep vanuit de Zoogdiervereniging om mee te helpen bij de hazelmuiswerkdag. Ik ben niet beroerdste en leek het mij leuk om eens wat extra’s terug te doen voor de natuur. Aangezien mijn vriend een rijbewijs heeft – en ik niet – had ik hem ook maar direct ingeschreven onder het mom van een gezellig dagje naar het bos. Ik blij, hij blij.

Handen uit de mouwen!
Op 17 februari kwamen we met de groep vrijwilligers (lees: Roxan + vriend + zeven volwassen mannen) bij elkaar in het Bovenste bos. De girlpower zou ik die dag dus geheel voor mijn rekening nemen. Op locatie werden we ontvangen door boswachter Michel van Staatsbosbeheer en Wil van Stichting IKL.

Hazelmuis
Hazelmuis

Een thuis voor de hazelmuis
Het doel van de dag was om struwelen (takkenstapels) in het bos te bouwen waar uiteindelijk de bramen overheen zouden groeien. Zo kunnen we mooie nestplekken creëren voor de hazelmuizen. Ze worden ook wel het Limburgse aapje genoemd, omdat ze alleen in de provincie Limburg voorkomen en net als apen behendig tussen takken kunnen klimmen. Mijn onderbuikgevoel zei me al dat we geen blaadjes zouden harken of bloemetjes gingen zaaien. Dit werd bevestigd toen de achterklep van de met modder beklede Caddy openging. Drie verschillende zagen gleden door mijn handen voordat uiteindelijk werd besloten dat (mijn vriend en ik als de ‘onervaren vrijwilligers’) toch maar op de takken-sleep afdeling moesten worden geplaatst. De kans op het openen van de EHBO-doos werd daarmee ook drastisch verkleind.

Minder bomen, meer dieren
Voor dat de hazelmuiswerkdag begon waren een aardig aantal bomen aan de bosrand gekapt. Op dit moment ziet de bosrand er op het eerste gezicht kaal uit. Het lijkt alsof er niks groeit en alle bomen rigoureus en zonder reden zijn gekapt. Het is dan ook logisch dat lokale bewoners vaak boos of geïrriteerd reageren als zij het bos waar zij graag wandelen zo gehavend aantreffen. Echter is niets minder waar… het bos kan namelijk pas opnieuw gaan leven als dit soort ontwikkelingen worden uitgevoerd. Zo konden we met de takken van de bomen die waren gekapt sterke struwelen bouwen.

Hazelmuis
Hard aan het werk!

Nest in de lucht
Ook krijgt de bodem van het bos opeens veel meer zon omdat het bladerdak veel opener is. Als het vanaf april warmer wordt heeft de begroeïng op de bodem veel meer kans om zich te ontwikkelen – wat heel goed is voor de algehele biodiversiteit. Ook zullen de braamstruiken die nu op de grond liggen gaan groeien en over de struwelen ‘klimmen’ die wij dat weekend hebben gemaakt. Hazelmuizen hebben deze hoge braamstruiken nodig om in te nestelen – ze maken namelijk geen nesten op de grond, maar in de lucht! De braamstruik is met zijn stekels een belangrijke barrière tussen de hazelmuis en roofdieren en biedt ook een bron van voedsel. Hazelmuizen zijn heel opportunistisch en eten niet alleen insecten, maar ook fruit en noten (hint van de dag: HAZELmuis).

Hazelmuis
Struweel bouwen

Lekker zagen
Het kappen van de bomen heeft dus een hele belangrijke rol binnen het beschermingsproject van de hazelmuis en de ontwikkeling van het bos. Ik kan iedereen dan ook aanraden om mee helpen tijdens een soortgelijke werkdag! Je geniet van het buiten zijn, leert nieuwe mensen kennen, helpt de natuur én je mag lekker zagen. Dat was voor mijn vriend één van de hoogtepunten van de dag.

Sleep dus je vrienden of familie mee en ga lekker aan de slag! En mocht je bij jouw favo bos opeens een plek met totale kaalslag tegenkomen – vraag dan eens aan de beheerder om waarom dat is gedaan, vaak is er namelijk een hele goede reden voor! 🙂

 

Koekoek: Jasja Dekker

Jasja Dekker

Jasja Dekker (42) is bioloog/ecoloog en onderzoeker. Hij zet zich in voor de Zoogdiervereniging en maakt super toffe luchtfoto’s. In zijn eenmansbedrijf houdt hij zich vooral bezig met zoogdieren, soorten die zoogdieren eten of juist door zoogdieren wórden gegeten. Hij deed promotieonderzoek naar graasgedrag van konijnen en zijn lieverlingsdier is -padadadammm- het wilde konijn!

1. Wat is je mooiste natuurmoment?
Dat was tijdens het meehelpen met een onderzoek naar ruige dwergvleermuizen in Letland. Ruige dwergvleermuizen migreren. Ze vliegen van de Baltische staten en Rusland via Polen en Duitsland naar Nederland en zelfs door naar Engeland. Op een ringstation in Pape (Letland) doen ze onderzoek. De nacht dat we daar aankwamen was precies de piek in de trek en vlogen ons duizenden vleermuizen om de oren! Ook honderden tweekleurige vleermuizen. Onbeschrijfelijk.

2. Wat is je meest *** natuurmoment?
Het is niet eens echt natuur, maar waar ik altijd enorm somber van wordt, zijn roofvogels en uilen in roofvogelshows. Ik zag zelfs een keer op een camping iemand die de huisuil had meegenomen op vakantie. Het arme dier zat in de volle zon op een stokje, aan een touw, voor de tent. Het gaat om soorten die vaak zo veel ruimte (nodig) hebben in het wild. Ik vind dat verplicht stukjes vliegen en kunstjes uitvoeren echt verschrikkelijk om te zien.

4. Welke soort staat er bovenaan je bucketlist?
Van de zoogdieren heb ik er al veel “afgetikt”. Het zijn vooral soorten van taiga en toendra die ik nog graag wil zien. Ik ben nog nooit boven de lijn Kopenhagen-Moskou geweest. Lemmingen staan dan zeker bovenaan, zeker in combinatie met sneeuwuil en laplanduil.

5. Waarom heb jij de tofste baan ooit?
Het is leuk, interessant en ik heb het gevoel dat mijn werk zinvol is. Ik doe opdrachten die ons meer leren over wat dieren eten, hoe ze zich verplaatsen, hoeveel het er zijn en hoe we beter natuurbeheer en -beleid kunnen maken. En met een beetje mazzel is dat ook regelmatig buiten! 🙂

6. Voor welk dier ben je bang?
Ik vond in de VS het kamperen in berengebied best spannend. In Europa gaan alle dieren voor de mens op de loop, en het is bijzonder je in gebied te begeven waar de dieren sterker zijn dan de mens en wij hén ruim baan moeten geven. Echte ‘ecology of fear’!..

7. Wat is ‘jouw’ lievelingsplek in NL?
De Nieuwkoopse plassen, op de de schaats of met de kano. Gewoon in de Randstad en super mooi.

8. Als je iets kon veranderen aan de natuur in NL, wat zou je dan doen?
Ik zou er meer van willen hebben: meer echte laagveennatuur, meer groen in de stad en sommige gebieden gewoon echt afsluiten. Mensen hoeven echt niet overal te recreëren!

Meer zien van Jasja? Check zijn website en/of de geweldige luchtfoto’s.

Blog: winterse verrassing

Kraanvogel

Samen met de zoölogisch manager, een fotograaf en columnist lopen we een rondje door GaiaZOO. We praten over hoe mooi de dierentuin in de winter is en hoe de dieren uit het Taiga gebied juist nu in de winter in hun element zijn. We stoppen even bij de Prezwalski paarden en kijken naar de dikke wintervacht die hen beschermd tegen de gure kou op de kale Mongoolse steppe. In het verblijf ernaast lopen houden we ooievaars en Europese kraanvogels. Als we langs lopen beginnen de kraanvogels te roepen. We refereren naar afgelopen jaar, toen zo’n 200 kraanvogels over GaiaZOO vlogen. Opmerkelijk is dat we ze dit jaar nog helemaal niet hebben gehoord, niemand van ons.

We nemen afscheid van onze gasten. Ik begeleid hen richting de uitgang en ga daarna zelf op weg terug naar kantoor. Het is rond half vier in de middag, de meeste bezoekers zijn al richting huis, dus het is rustig in het park. Ik hoor mijn telefoon gaan, mijn collega met wie ik net heb gesproken. Hij zal wel iets vergeten zijn. Op het moment dat ik opneem realiseer ik me waarom hij mij belt. De eerst stille omgeving vult zich met het onmiskenbare geluid van een groep kraanvogels!!

“Boven de leeuwen!” Hoor ik hem nog roepen, waarna hij ophangt en zelf geniet van de bijzondere gebeurtenis. Ik tuur naar de lucht, probeer het geluid te volgen. Natuurlijk heb ik juist op dit moment geen sleutels bij me en kan ik niet door het hek dat voor me staat. Maar dan krijg ik ze in mijn blikveld! Een groep van ongeveer 50 Europese kraanvogels vliegt over GaiaZOO. Mijn geluk kan niet op wanneer ze nog een rondje maken en daarna doorvliegen naar hun bestemming, waar die ook mag zijn.
Ik hou ervan hoe verrassend de natuur kan zijn en ik in een dierentuin werk waar je zoveel unieke inheemse diersoorten tegen het lijf kan lopen. Kom een keer langs in GaiaZOO en ervaar het zelf!